Nieuws

Sponsors

 

Design

 

Doveninstituut No 102, nu Maria Pokrova school in Lviv

 

 



In het Lviv kinderziekenhuis werd ik geconfronteerd met een 'doofstom' kind. Zo heette dat, was mij vroeger geleerd. Nu begrijp ik dat dit woord echt in het verleden behoort. Het was een normaal kind, echter met een handicap. Zo ben ik in aanraking gekomen met dit instituut, heb het bezocht en plannen gemaakt om op allerlei manieren hier ondersteuning aan te geven. We zijn begonnen met de meest elementaire zaken, zoals sanitair, wc's, douches. Gescheiden voor jongens en meisjes en met deuren voor privacy. De slaapkamers aantrekkelijker gemaakt met wat andere matrassen en beddengoed.













 

Toen hebben we het gebouw onderhanden genomen. Nieuw dak, nieuwe voorgevel, nieuw kantoor voor het secretariaat, bureau directeur vernieuwd, de recreatieruimte en daarna de eetzaal ook een kleine kapel ingericht. Zodat alles er beter en functioneler te gebruiken was. Zowel bij het ministerie van onderwijs en als bij het ministerie van gezondheid - dit instituut valt onder beide - hebben we een verzoek ingediend om dit instituut, dat in de oude sovjettijd altijd een nummer had, in plaats hiervan een naam te geven. Alle scholen hebben nog nummers onder de 100, instituten voor gehandicapten, zoals doven blinden e.d., hebben nummers boven de 100.

We kregen toestemming om de 'naam' te veranderen in de door ons voorgestelde naam Maria Pokrova, niet alleen omdat dit werk ook een stuk werkzame spiritualiteit is maar ook omdat de afbeelding van de moeder Gods als een rode draad door ons werk loopt en op alle plaatsen terugkomt. Maria is afgebeeld met twee uitgestoken handen waarover een doek, roesnik genaamd, is gespreid en waaronder eenieder zich beschut en beschermd kan voelen. Ik heb daar een icoon voor gemaakt met Oekra´ense kinderen daaronder en geef in alle projecten, welke we ondersteunen, een icoon om te laten zien waarom en voor wie we dit werk proberen te doen. Ik moet zeggen dat dit gelukkig zeer gewaardeerd wordt.
Zo zijn we begonnen  en men zegt wel eens dat je een beetje geluk moet hebben of, zoals ik zelf vaak zeg, 'met de genade Gods meewerken'. Maar die moet wel op je pad komen. Zoals in die rit naar Oekra´ne die mij via Berlijn naar de Duits-Poolse grens brengt, in die aanvangstijd nog de Europese buitengrens, met zeker zes kilometer file. Files verbazen mij niet meer, zeker als je dit traject al vijftien rijdt, en dit vier maal per jaar! Mijn Toyota microbus die zo'n beetje is omgebouwd tot ambulance - met esculaap en sirene en blauw zwaailicht. Deze wordt in Oekra´ne soms ook voor ziekenvervoer gebruikt wordt met de nodige papieren en toestemmingen - is dan ook geen alledaagse verschijning aan de grens en geeft me het ongeschreven recht om aan de linkerzijde direct naar voren te gaan. Dit wordt door iedereen geaccepteerd en met coulance word ik binnen enkele minuten over de grens gezet, zowel in Polen als in Oekra´ne. Tot op heden gaat dit nog zo.
Dus terwijl ik links rijdend de file passeer, staat er ineens een keurige heer in pak te zwaaien of ik even stoppen wil. Hij vertelde dat hij al uren in de rij stond en hier niet op gerekend had. Hij had een belangrijke afspraak in Warschau die hij niet mocht missen. Hij stelde zich voor: Jaap Blink, financieel directeur van de Robeco-groep uit Rotterdam. Iets in mij zei me deze man te helpen. Ik vertelde dat hij achter mij aan moest rijden, bumper aan bumper, en geen opening moest laten. Zou mijn bumper hierbij schade oplopen: geen probleem. Hij zou de rekening dan wel krijgen. Aan de grens vertelde ik dat we met twee autoĺs waren. Geen probleem: rijden maar! Nadat we even later gestopt waren, bedankte hij mij en vroeg mijn kaartje. 'Ik zal kijken of ik in de toekomst iets voor je doen kan', zei hij nog. Nu is me dat al zo dikwijls beloofd. We namen afscheid en ik vergat het hele voorval. Enige maanden later word ik gebeld: Jaap Blink. De naam was ik onder tussen al vergeten maar toen hij zei: 'Robeco Rotterdam' wist ik het weer. Goed nieuws! De Robeco-groep was overgenomen door het Rabo-concern en die hadden andere computersystemen.

Ik mocht hun oude spullen op komen halen: computers, laserprinters, schermen, faxen. Alles mocht weg.
We hebben voor ons doveninstituut een programma gemaakt: spreken en verstaan per computer. Een hele omslag in dat instituut. De meest moderne technologie en de eerste in heel Oekra´ne. Binnen korte tijd konden kinderen per computer met elkaar communiceren.
Ook voor ouders en verzorgers was dit een openbaring. Ik ben verschillende malen getuige geweest van zeer emotionele momenten. Dat een in hun ogen achterlijk kind uit zijn isolement kwam en met hen kon communiceren. Terwijl dit kind alleen maar een handicap had.
Dat heeft ertoe geleid dat ik in Nederland contact heb gezocht met het Instituut voor Doven, nu Viataal geheten, in Sint-Michelsgestel.

Matra project ôPrivietö

 

 




Door hun ondersteuning en professionele aanpak is het doveninstituut in Oekra´ne nu het meest professionele, zodat het als voorbeeldfunctie dient voor heel Oekra´ne. Dat is mede mogelijk gemaakt door financiŰle ondersteuning van Buitenlandse Zaken waar ik tot tweemaal toe in het kader van een Matraproject een beroep op heb mogen doen. Het Oekra´ense ministerie van Onderwijs was zˇ enthousiast over deze geheel nieuwe onderwijsmethode, dat deze nu landelijk wordt toegepast, wederom uitgevoerd door Viataal International en nu met verscheidene aangesloten instituten in heel Oekra´ne.
Hans Rossier, co÷rdinator van deze projecten, is dan ook verschillende malen met mij mee naar Oekra´ne gereden. Nu wordt dit uitgebouwd met het oprichten van een nieuw informatiecentrum waar alle informatie, o.a. via brochures en een internetaansluiting, beschikbaar wordt voor alle belangstellenden. Ook hebben we een brochure uitgegeven over hoe je moet omgaan met een kind met een handicap of hoe je snel problemen kunt onderkennen, met de daarbij behorende contactadressen. Er is nog een lange weg te gaan maar ook nu blijkt weer dat uitwisseling en kennisoverdracht van leerkrachten die door onze organisatie regelmatig naar ons land worden uitgenodigd zijn vruchten afwerpt en zeer noodzakelijk is. Met name de bezoeken aan de audiologische centra waar het bijscholen in vroegtijdige onderkenning van gehoorgestoordheid bij jonge kinderen een belangrijk item is.